Kaapse bossen in Doorn

Eerst zandverstuiving, nu kronkelpaden en heerlijk om er te wandelen.

Het  stuwwallenlandschap van de Utrechtse Heuvelrug werd in de voorlaatste ijstijd gevormd. Dat was 160.000 jaar geleden. Rond 1750 kocht een rijke familie het gebied dat nu de Kaapse Bossen heet. Het bestond toen vooral uit heide en zandverstuivingen. De volgende eigenaren lieten vanaf 1850 bos aanplanten. Door de aanleg van lanen en kronkelige paden maakten ze er een aantrekkelijk wandelgebied van. 

 

 

Voor een heerlijk rustmomentje kunt u Chalet Helenaheuvel bezoeken. Een restaurantje wat altijd een geliefd stekkie is om even wat lekkers te eten of te drinken. Er is een parkeerplaats aawezig. Heerlijke plaats om te beginnen met koffie  en te eindigen met een lunch.
Adres: Sint Helenalaan 2, 3941 EH Doorn  Hier beginnen diverse uitgezette routes van verschillende afstanden,ook voor rolstoelen.
Telefoon: 0343 412062
Halte/station: Maarten Maartenshuis

In de Kaapse Bossen vindt u ook een aantal historische paden zoals het Maarsbergse voetpad, het Domlaantje en de meer statige oude beukenlanen.Verder zijn er door het hele bos boswallen terug te vinden. Ze gaven vroeger de grenzen aan van een perceel of gemeente. In het gedeelte tussen de Hoogstraat en recreatieterrein Het Doornse gat bevinden zich een aantal grafheuvels.

 Eikenhakhout

In de 19e eeuw heeft men 15 hectare aangeplant als eikenhakhout. Elke 12 tot 15 jaar werden de eiken afgezaagd. Het hout en de schors gebruikte men destijds om het leer te looien en als brandhout in bakkerijen en fabrieken.

De achtergebleven stobben liepen weer uit tot struikvormige eikjes met grillige vormen. Natuurmonumenten houdt dit karakteristieke bostype in stand door de bomen samen met een groep vrijwilligers 'terug te zetten'.

Op de eikenhakhoutpercelen leven hazelwormen en levendbarende hagedissen. Broedvogels zoals boomleeuwerik, geelgors en kneu kunt u hier ook aantreffen.

 Paddenstoelen paradijs

In het najaar barst het hier van de paddenstoelen. Na een regenbui schieten ze letterlijk de grond uit. De oude bosbodem heeft lang de tijd gehad om zich goed te ontwikkelen. Dit zorgt voor een rijkdom aan paddenstoelen. Ieder type bos heeft zo zijn eigen soorten. Zo staan er onder naaldbomen heel andere soorten dan bij de eiken.

U vindt hier het rode koolzwammetje, die inderdaad precies dezelfde kleur heeft als rode kool. Het kleverig koraalzwammetje is net koraal op een boomstam De grote stinkzwam stinkt zo erg dat u deze lucht niet snel zult vergeten. De bekende vliegenzwam met zijn rode hoed en witte stippen geeft de bossen een sprookjesachtig uiterlijk.